VOGELS
Pimpelmees

Parus caeruleus.
Kenmerken: Onmiskenbaar. Blauw en geel; rug groen, gezicht wit. Jongen hebben gele wangen en groenachtig bruine bovendelen. Zingt al op mooie dagen in januari. Habitat: Open loofbos; houdt van eiken en beuken. Cultuurvolger in tuinen, parken, heggen. Talrijk. Voedsel: Insekten, die gezocht worden op de kleinste takjes, op katjes en bladeren. In herfst en winter veel zaden, noten, bessen. Voortplanting: Heeft nestholte nodig met kleine invliegopening (27-28 mm in
doorsnede), om ongestoord te kunnen broeden. Uit grotere holtes wordt de pimpelmees vaak verdreven door de koolmees. Legsel meestal 8-13 eieren. Tijd van broeden 13-15, broedzorg 17-21 dagen.